Bindend advies of niet?

Deze column is in mei 2013 gepubliceerd op www.delametelkaar.nl. Naar aanleiding van kritische Kamervragen in februari 2017 over Kifid en de beantwoording daarvan door de Minister op 12 juni jl.(zie amweb en www.rijksoverheid.nl ) is dit onderwerp opnieuw actueel. Ook de column blijkt nog voor een belangrijk deel actueel.

Bindend advies of niet?

De commotie was groot toen Kifid kort geleden bekend maakte dat 40 % van het intermediair zich niet verbonden heeft verklaard aan de uitspraken van de geschillencommissie van het Kifid. Kifid wilde in eerste instantie zelfs een wetswijziging, maar zet nu in op een reglementswijziging. Politici riepen ook weer moord en brand en hebben Kamervragen gesteld. Maar misschien moeten we eerst eens terug naar de kern. Waarom heeft zo’n groot percentage van het intermediair niet voor bindend advies gekozen?

Om die vraag te beantwoorden moeten we terug naar begin 2007. Na het ontstaan van Kifid, toen iedere financiële dienstverlener zich moest aanmelden, woedde er ook al een discussie over bindend advies. De reglementen van Kifid waren nog niet vastgesteld. Er was, terecht of onterecht, weinig vertrouwen in Kifid. Ook was er kritiek op de manier waarop Kifid bindend advies bij aanmelding erdoor probeerde te duwen. Tevens was het onduidelijk hoe beroepsaansprakelijkheidsverzekeraars zouden reageren. En er was grote terughoudendheid vanwege het hoge grensbedrag.

De brancheorganisaties waren in beginsel voorstander van bindend advies. Toch heeft bijvoorbeeld de NBVA haar leden bij aanvang van Kifid vrij gelaten om wel of niet te kiezen voor bindend advies. Dit vanwege alle onduidelijkheden. Pas later werd het een lidmaatschapseis, maar omdat het veel discussie bleef opleveren is dit bij het ontstaan van Adfiz weer vrij gegeven. Gezien deze historie en omdat andere partijen in de markt destijds terecht vraagtekens zetten bij de bindend adviesregels, hebben veel assurantiekantoren niet voor bindend advies gekozen. Ook een flink aantal bewust wel. En sommigen wel, maar onbewust. Daarna hebben ze hun keuze in de meeste gevallen nooit meer aangepast.

Veel (kleine) ondernemers in deze branche schrikken waarschijnlijk nog steeds van de bindend adviesgrens van € 100.000,–. Dat is in de meeste gevallen, zeker in de huidige tijd, een veelvoud van de jaarwinst. Misschien is het een irrationeel argument, maar die grens voelt niet goed. Men kan de gevolgen niet overzien. Bij aanvang van Kifid is dat grensbedrag, na veel discussie, teruggebracht van € 150.000,– naar € 100.000,– en is een mogelijkheid van hoger beroep ingebouwd bij uitspraken boven de € 25.000,–. Maar ook de grens van € 100.000,– bleek voor het gevoel van velen te hoog. In een SER-advies over een eenvoudige procedure voor consumentenzaken werd destijds een plafond genoemd van € 25.000,–. Met zo’n plafond wordt het grootste deel van de klachten afgevangen. En dat bedrag is nog ruim hoger dan de bedragen die gelden in andere branches.

Dus iets meer nuance is in deze discussie wel op zijn plaats. Niet alleen met het verwijtende vingertje wijzen naar assurantieadviseurs. Maar zijn de regels wel passend en wat is de ontstaansgeschiedenis van deze situatie? Niet meteen, als een soort Pavlov-reactie, roepen om aanvullende regelgeving, zoals sommige politici doen. Natuurlijk zouden financieel dienstverleners niet tijdens een procedure moeten switchen. Maar een lock-in situatie voor kantoren die wel bindend advies gekozen hebben is toch ook niet de oplossing? Bindend advies heeft zeker toegevoegde waarde, maar kan en moet niet worden afgedwongen. Denk na over hoe je bindend advies zo kunt inrichten dat het voldoet aan de maatschappelijke wensen en het tevens een breed draagvlak krijgt binnen de branche. Want als het goed wordt ingericht en goed wordt uitgelegd, dan ben ik ervan overtuigd dat er branchebreed gekozen zal worden voor bindend advies. Een lager grensbedrag zou bindend advies waarschijnlijk laten functioneren zoals alle maatschappelijke partijen dat graag willen. En zorg dat er vertrouwen en draagvlak ontstaat. Dat bereik je niet met dwang, maar met goede communicatie en overtuigingskracht.

Delen op:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *